Bonne Espérance

Start
Omhoog

La Bonne Espérance

Industriële archeologie in Turnhout !

Gil Tack, met dank aan Luc Swerts voor de inhoudelijke ondersteuning

In de zomer van 2014 bezochten de leden van Het bezemklokje het vleermuizenreservaat La Bonne Espérance. In het vorige ledenblad verscheen het verslag van dit bezoek.  
Veel deelnemers waren ook erg geboeid door de overblijfselen van de vroegere economische activiteiten op het domein. In onderstaand artikel besteden we daarom aandacht aan dit industrieel erfgoed van Turnhout.    

Het begin was klei !

De aanwezigheid van de tot 8 m dikke kleilagen in de Kempen was al eeuwen bekend en dateert van een miljoen jaar geleden. In de 19de eeuw werden ze herontdekt tijdens  het graven van het kanaal Bocholt-Herentals met een zijtak naar Turnhout. Het economisch belang van klei als basismateriaal voor het vervaardigen van baksteen werd juist ingeschat en in 1870 ontstond een eerste steenbakkerij in Ravels.
Vermengd met kalk, uit Wallonië aangevoerd via de Maas en het nieuw gegraven kanaal, werd klei ook gebruikt bij de productie van cement. De cementfabrieken werden gekoppeld aan steenbakkerijen omdat de hoog kwalitatieve plastische klei diende voor de bereiding van cement en de minder goede klei voor het vervaardigen van baksteen.
Zo ontstonden steen- en cementfabrieken zoals La Bonne Espérance langs het kanaal dichtbij de kleilagen en de transportweg.

Later werd de waterweg uit Turnhout doorgetrokken naar Antwerpen zodat verder afgelegen afzetgebieden werden bereikt.

La Bonne Espérance

De plannen voor de oprichting van de cement- en steenfabriek La Bonne Espérance ontstonden in het najaar van 1907. De afgevaardigd bestuurder Léon Dierckx vroeg in oktober dat jaar aan het stadbestuur van Turnhout de toelating om daarvoor op zijn gronden burelen, ateliers, een machinekamer en een kolenhok op te richten. Enkele dagen later volgde het fiat van burgemeester Van Hal en secretaris Peeters met als enige restrictie dat er stipt volgens het stadsreglement werd gewerkt, zeker wat het inrichten van de ‘gemakken’ betrof.

In 1910 fuseerde La Bonne Espérance met de Fabrique de Ciment Portland Artificiel de Loën nabij Visé. Deze fabriek lag in een kalkrijk gebied zodat er een interessante uitwisseling kon gebeuren met La Bonne Espérance: kalk uit Loën werd aangevoerd via de Maas en het kanaal Bocholt-Herentals, klei was quasi ter plaatse aanwezig. Het nieuwe bedrijf kreeg de naam Cimenteries et Briqueteries Réunies La Bonne Espérance et Loën, in 1924 verkort tot Cimenteries et Briqueteries Réunies of C.B.R.

In 1933 in volle economische crisis stopte de fabriek in Turnhout haar activiteiten. In 1945 verliet de CBR definitief de Kempen en verhuisde naar Luik. Daar groeide het bedrijf uit tot een wereldwijd vertakte onderneming, die in 1993 opging in de Groupe Heidelberger Zement.

De steenbakkerijen

Het vervaardigen van baksteen verloopt in verschillende fasen. Tot voor 1911 werd de klei nog met steekschoppen uitgegraven, nadien gebeurde dit met baggermolens en graafmachines. Dan volgde een rustperiode voor de klei om alle plantenresten, die bij het bakken de steen zouden verzwakken, te laten verteren. Na deze rustperiode werd de klei, vermengd met zavel en water, gekneed tot een homogene massa. Deze massa werd door de steenmakers in een houten kader, onderverdeeld in baksteengrote rechthoeken, geperst en met een vochtig strijkhout afgestreken. Eén steenmaker maakte per dag gemiddeld 7000 stenen. De kaders werden door de afdragers, tot 1914 waren dit altijd kinderen, naar een eerste droogplaats gebracht. Daar werden de kaders bestrooid met zand zodat de ‘vormelingen (de latere stenen) gemakkelijker zouden loslaten bij het omkeren. Na enkele dagen brachten vrouwen deze vormelingen met kruiwagens naar de droogloodsen. Daar werden ze gestapeld, ‘gammen’ genoemd, een werkje dat dikwijls op zondagvoormiddag als bijverdienste werd gedaan.
De droogloodsen, eenvoudige dennenhouten constructies, afgedekt met afgekeurde dakpannen, waren open aan de zijkant en stonden naar de overheersende westenwinden georiënteerd.

Na het drogen, dat 3 tot 5 weken in beslag nam, werden de vormelingen op 1000°C gebakken in de ringoven, een vernieuwing bedacht in 1858 en nog gedeeltelijk te zien in La Bonne Espérance.

De ringoven

De ringoven van La Bonne Espérance is gedeeltelijk verwoest, doordat men er bij het stop zetten van het productieproces opzettelijk de hoge schouw heeft laten opvallen om zo het systeem onbruikbaar te maken. Daardoor is het ovengebouw toegankelijk geworden voor vleermuizen en geschikt als overwinteringplaats.
De ringoven ziet eruit als een ellipsvormige gesloten tunnel met een lengte van 50 m, een breedte van 25 m en een hoogte van 3 m. Hij bestaat uit verschillende afzonderlijke kamers die elk toegankelijk zijn via een hondsgat op de begane grond. Via deze gaten werden de te bakken stenen in- en de reeds gebakken stenen uitgeladen. Elke kamer heeft bovenop het gewelf een stookgat, langs waar hete brandstof, goedkoop steenkoolgruis, in de kamer werd gebracht.  Door het regelen van de onderdruk in de oven werd dit gruis brandend gehouden en als de stenen voldoende gebakken waren gedoofd. Een continu bakproces werd mogelijk doordat een met vormelingen gevulde kamer werd opgestookt terwijl de gebakken stenen in de vorige kamer afkoelden en de vormelingen in de volgende kamer werden voorverwarmd. De rook werd afgevoerd via een hoge schouw, eveneens gebruikt bij het regelen van de onderdruk .

De sociale wantoestanden in de steenbakkerijen

Het proces zoals hoger beschreven was zeer arbeidsintensief en verschafte werk aan veel arbeiders, ook vrouwen en kinderen. Een werkweek duurde van maandagochtend tot zaterdagavond, soms werd ook op zondagvoormiddag gewerkt. Vrouwen- en kinderarbeid was door de lage lonen onvermijdelijk. Bovendien viel de productie  in de winter dikwijls stil omdat de klei door koude en vocht niet voldoende kon drogen. Het werkvolk was dan werkloos en zonder inkomen. Vervangingsinkomens waren onbestaand en daardoor waren de werknemers verplicht bij hun baas geld te lenen. Tijdens de zomermaanden probeerden ze die schulden terug te betalen door hard en lang te werken, dikwijls 15 uur per dag,  van 4 uur 's morgens tot negen uur 's avonds.  

De productie van Portland cement

In het laatste kwart van de 19de eeuw begon men in de bouwsector gebruik te maken van gewapend beton. De dragende constructie van een gebouw werd opgezet in ijzer en de open delen ertussen opgevuld met beton. IJzer en beton hebben ongeveer dezelfde uitzettingscoëfficiënt, waardoor het gebouw bij alle temperaturen stabiel bleef. Bij brand waren deze materialen ook bestand tegen grote hitte. 

Een belangrijk bestanddeel voor het maken van beton was de kunstmatige portlandcement, die werd vervaardigd in La Bonne Espérance. De basisproducten voor deze cement waren klei uit de Kempen en kalk uit de streek tussen Maastricht en Hermalle. Deze twee basisingrediënten werden in nauwkeurig afgemeten hoeveelheden in water tot een pasta vermengd. Het mengsel werd vervolgens bij 1450 graden gebakken in drie roterende ovens van 36 m lang en daarna in water geblust, waardoor cementkorrels (klinkers) ontstonden. Deze klinkers werden vermalen en leverden het eindproduct, de portlandcement.

De ovens zijn nu eveneens gedeeltelijk vernield en konden daardoor net als de ringoven tot overwinteringplaats voor vleermuizen worden aangepast. 

Transport via het kanaal

Op het domein staan nog steeds de hoge ijzeren stellages, voorzien van rails waarop de bakjes gevuld met afgewerkte cement tot aan het kanaal konden worden gebracht. Daar werd het product in de boten geladen en op transport gezet. De kwaliteit van de portlandcement uit het Turnhoutse La Bonne Espérance was dermate hoog dat hij tot ver in Duitsland werd uitgevoerd.

Bibliografie

BRION (R.) en  MOREAU (J-L).  Inventaire des archives du groupe cimenteries CBR cementbedrijven 1854-2002, Brussel, 2007. http://www.avae-vvba.be/PDF/INV_CBR_edition_aout_2006.pdf

Société Anonyme “La Bonne Espérance”. Fabrique de ciment à Turnhout (Province d’Anvers) Belgique. Promotiebrochure van het bedrijf, ter beschikking gesteld door Léon Dierckx

Stadsarchief Turnhout, Bouwvergunningen1907/04265, brieven van 9 oktober, 31 oktober en 6 november  1907

SWERTS (L.). Persoonlijke notities als achtergrondinformatie voor de gidsbeurten in La Bonne Espérance, 2014

http://nl.wikipedia.org/wiki/CBR_(bedrijf)

http://nl.wikipedia.org/wiki/Baksteen

http://nl.wikipedia.org/wiki/Portlandcement

© Dani Bellemans & Het Bezemklokje 2011-2017
laatste wijziging op 21/09/2017