Nazareth zorg

Start
Omhoog

 

Het Bezemklokje wil voor de Nazarethkapel zorgen.

Zoals we in het vorige artikel over de Nazarethkapel schreven, verbleven de Apostolieken, toekomstige missionarissen, tijdens alle vrije dagen in het vakantiehuis Nazareth, dat voor hen werd gebouwd op de weg naar Merksplas en Hoogstraten. Op 3,5 km van Turnhout werden vanaf 1873 in de arme grond die niet te bewerken was, grachten gegraven die nog steeds bestaan. Om ‘ziekmakende uitwasemingen’ te laten verdwijnen was het immers nodig het terrein op te hogen. Er werden verder een kapel en verblijfs- slaap- en recreatiegebouwen opgetrokken en de toestemming om op het domein ook een kerkhof op te richten, werd verkregen. Dit was nochtans tegen de geldende wetgeving. Een tijdgenoot uit 1879 vergoelijkt de overtreding op de volgende manier:“Vroeger was elke kerk omringd door gewijde grond waar de bewoners hun eeuwige rust konden vinden. Nu heeft men dat allemaal veranderd. Maar de Apostolieken, die met de hulp van God de barbaren gaan beschaven, mogen de tijd wel wat terugdraaien en daarom heeft de gemeenteraad van 10 februari 1874 hen toegestaan om een kerkhof op te richten dichtbij de nieuwe kapel op 4 km van het kerkhof van de stad. Daar rusten de Apostolieken die de Heer tot zich heeft geroepen voor de strijd. Daar zullen de volgende generaties van onze teerbeminde Apostolieken zich kunnen komen inspireren in geloof, energie, godsdienstijver en liefde.” Er werd ook een calvarie met 14 staties op het kerkhof opgericht. In totaal werden er slechts 5 jongeren begraven en hun stoffelijke resten werden in 1927 naar de stedelijke begraafplaats in de Kwakkelstraat overgebracht. 

Nazareth was voor de Apostolieken ondanks zijn eenvoud een geliefd verblijf. Elke zondag woonden zij er hun tweede mis bij, opgedragen voor bewoners uit de omgeving, die te ver van hun parochiekerk woonden. Ze gingen er ook elk jaar enkele dagen op retraite, om zich in stilte te kunnen bezinnen. Daar beslisten ze, dit volgens de tijdgenoot uit 1879, “waar in de wereld ze hun werk, hun lijden en hun leven zouden beleven. Jezus is hierbij hun voorbeeld en hun inspiratie”. In het Nazarethverblijf werd ook gewerkt. Alles stond er in het teken van de voorbereiding op het latere missioneringwerk. Land- en tuinbouw werden beoefend om in te spelen op de interesses van de ‘nieuwe Christenen’ maar ook gevechtstechnieken werden getraind. De jongeren kregen er, weer volgens de tijdgenoot, ook lesjes in nederigheid als “ze leerden poetsen en koken onder leiding van een chef: aardappelen schillen, wortels krabben, prinsessenboontjes afdoen en afwassen”. In de schrijnwerkerij leerden ze zaag en schaaf hanteren, in de kaarsenmakerij de misselijkmakende geur verdragen en zittend op kleine bankjes oefenden ze het maken van manden.

Na de 2de Wereldoorlog werd de kapel, die na de afbraak van de andere gebouwen was blijven staan, samen met de omliggende weilanden en akkers verkocht aan de familie Verwaest. In 1973 kocht de stad het domein van 36 ha van deze familie en hun erven voor meer dan 10 miljoen oude Belgische franken. 7,5 ha van de gronden werden bestemd als kerkhof. Op 21 januari 1978 had er de eerste begraving plaats. Tot in 2000 droegen Jezuïetenpaters elke zondag de mis op in de kapel. Sindsdien wordt de kapel niet meer gebruikt.

De Theobalduskapel verkeerde tot voor enkele jaren in een vergelijkbare situatie, maar voor dit gebouw werd door de stad Turnhout een goede oplossing gevonden. Keramiekatelier De Scherf vzw, die in dit gebouw tentoonstellingen en concerten organiseert, staat er in voor het onderhoud en de kosten voor verwarming en verlichting. De stad betaalt de noodzakelijke restauraties. Een gelijkaardige regeling zou Het Bezemklokje durven voorstellen voor de Nazarethkapel. Door regelmatig gebruik te maken van de kapel als vergaderruimte voor de vereniging en voor culturele en sociale activiteiten zoals de jaarlijkse tentoonstelling en samenkomsten met andere heemkundekringen uit de omgeving van Turnhout zou deze laatste getuige van een verdwenen maatschappelijk fenomeen opnieuw functioneel kunnen zijn. Net als de Apostolieken uit de twee vorige eeuwen heeft Het Bezemklokje immers ook een missie: zorgen en soms strijden voor het behoud van waardevol heemkundig erfgoed.

Voor het volledige artikel verwijzen we naar ledenblad - Editie Mei 2012.
Referentie Artikel. 
Auteur: Gil Tack 
Datum van publicatie: Mei 2012

© Dani Bellemans & Het Bezemklokje 2011-2018
laatste wijziging op 30/01/2019